Logo koudekerke.info
voor 600 | 600-1200 | 1200-1650 | 1650-1800 | 1800-1850 | 1850-1900 | 1900-1940 | 1940-1944 | 1944-heden
algemeen
religie
boerderijen
- st. antoniushoeve
- blauwe hof
- buytenhof
- de brouwerij
- johannahoeve
- (groot) lammerenburg
- groot ter hooge
- klein lammerenburg
- de lange pacht
- l'espérance
- 't noord ambacht
- 't noordhof
- paauwenburg
- hof de pagter
- 't troenkhof
- torenzicht
- hof verhage
- de vijgeter
- zuiderhoeve

buitenplaatsen
veldnamen
molens
grondgebruik
kustzone
boerderij 't Troenkhof te Koudekerke
Boerderij 't Troenkhof
 
Boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg 9 te Koudekerke blank fragment kaart Roman/Visscher 1655, met aangifte van boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg te Koudekerke
1. BOERDERIJ 'T TROENKHOF AAN DE STRANDWEG 9 TE KOUDEKERKE (C001)   2. FRAGMENT ROMAN-VISSCHERKAART 1655
Deze boerderij, die is gelegen op het adres Strandweg 9, wordt thans door de familie van der Horst en hun twee kinderen bewoond. Zij hebben de boerderij, die tot dat moment nog naamloos was, de naam 't Troenkhof gegeven. Deze naam is afgeleid van de oude veldnaam 't Troenkweitje, zoals het stuk grond langs een baantje bij de boerderij vroeger genoemd werd. Aan weerszijden van dit baantje, dat leidde naar de huidige Zwaanweg, stonden op z'n Zeeuws gezegd, 'troenken of troenkbomen'. Deze bomen zullen de meeste mensen nu onder de naam knotwilgen kennen. Hiernaar was eerder een veldnaam en is in 2004 ook de hofstede vernoemd.

De boerderij stamt na analyse van de bouwstijl en gebinten door Gerard Smallegange uit de periode 1600-1650. Zeker is in ieder geval, dat de boerderij voor het eerst voorkomt op de kaart van Bernaerds uit 1641 en later ook op de Roman-Visscher kaart uit 1655 en dus in het eerste deel van de zeventiende eeuw moet zijn ontstaan. Op beide kaarten is de boerderij alleen schematisch aangegeven en is de vorm nog niet afleesbaar. Op deze kaarten staan de wegen die de boerderijen als kralen aan een koord rijgen voor het eerst betrouwbaar aangegeven en kan worden opgemerkt, dat Den Koudekerkse Duinweg bij de boerderij een knik maakte. Dit is ook op latere kaarten het geval. Op kaarten voor 1641 worden meestal alleen de plaatsnamen van dorpen en steden en soms ook enkele kastelen of buitenplaatsen genoemd. Boerderijen zoals 't Troenkhof worden op dergelijke kaarten niet vermeld.

Vervolgens komt de boerderij voor op de door de gebroeders Hattinga vervaardigde kaart uit 1750, waarvan hier onder een fragment is afgebeeld. Hierop is ook het erf van de boerderij aan Den Koudekerkse Duinweg tot aan de Dishoeksche Kleiweg (huidige Zwaanweg) aangegeven. Er zijn twee vrijstaande gebouwen zichtbaar. Een L-vormig gebouw en een langwerpig rechthoekig gebouw. Het L-vormige gebouw omvat de schuur, welke aan de noordzijde een wat ongebruikelijke haakse hoek maakt. Onduidelijk is of zich op dat moment in dat gedeelte alleen de bakkeet bevindt of dat hier meer functies of bijgebouwen tegenaan waren gebouwd (gezien de omvang van de aanbouw). Mogelijk bevond zich er bijvoorbeeld een wagenhuis. Het losstaande gebouw is vermoedelijk dan het woonhuis.
 
Fragment kaart Hattinga 1750, met aangifte van boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg te Koudekerke
3. FRAGMENT KAART GEBROEDERS HATTING 1750
De vroegste bewoners van deze hofstede, die tot op heden zijn achterhaald, waren Cornelis Pietersen de Voogd en Janna Leijnsen. Zij hadden vanaf 1755 ook de hofstede Westerwijk in hun bezit, nadat ze deze kochten van de weduwe Boesschot-Van de Putte. De naam Cornelis Pietersen de Voogd duikt vaker in archiefstukken op. Onder meer bij de aankoop van een weiland op 29 maart 1767 dat hij koopt van Pieter Pietersen Willemsen en op 17 mei 1769, als hij elders in Koudekerke een huis met erf voor 83 pond Vlaams verkoopt aan Cornelis Metdenbaerde. Hierna doet Cornelis Pietersen de Voogd nog enkele andere grondaankopen, waarvan mogelijk ook enkele in de buurt van deze hofstede. Op 5 juni 1778 blijkt Cornelis Pietersen de Voogd te zijn overleden als zijn weduwe Janna Leijnsen hun hofstede ('t Troenkhof) met 61 gemet en 222 roeden verkoopt voor ongeveer 1609 pond Vlaams aan een van de erfgenamen van haar man: Jacobus Haak, welke getrouwd was met Johanna Cornelia de Voogd. Jacobus Haak komt dan ook in bezit van Westerwijk.

Het huis met erf dat Cornelis Pietersen in 1767 verkocht, wordt op 29 juni 1781 door Janna Leijnsen weer van Cornelis Metdenbaerde teruggekocht voor 225 pond Vlaams. In de tussentijd had dit huis dus een aardige waardestijging ondergaan, want zij betaalt nu bijna vier keer zoveel als haar man voor het huis in 1769 had gekregen!

Jacobus Haak en Johanna Cornelia de Voogd bewonen de hof aan Den Koudekerkse Duinweg enkele jaren en kopen nog diverse stukken grond in Koudekerke aan. Op 24 april 1795 overlijdt Jacobus Haak te Koudekerke. Johanna Cornelia de Voogd verkoopt de hofstede met boedel ruim 3 jaar na het overlijden van haar man op 1 december 1798 voor 310 pond Vlaams aan Joos van Sparrentak (1767-1849), welke geboren was te Koudekerke en toen strodekker van beroep was. Hij was hiervoor boerenknecht en trouwde op 10 februari 1792 te Vlissingen met de, uit Meliskerke afkomstige, Cornelia Clarisse (1769-1844). Boerenhofjes daalden in die periode sterk in waarde vanwege de snel verslechterde economische situatie en de invoering van enkele belastingmaatregelen tegen het eind van de achttiende eeuw. Dit is duidelijk terug te zien is in de verkoopprijs.
 
Tijdens de Franse periode (1795-1814) werd begonnen met de kadastrale vastlegging van eigendommen, waarvan in 1823 de eerste kaarten werden gepubliceerd. Het kadastrale minuutplan ‘sectie A – de duinen’ uit 1823, waarvan hieronder een fragment is afgebeeld, toont een verandering in de positionering èn het aantal gebouwen op het erf. Het langwerpige gebouw dat hiervoor op kaarten zichtbaar was waarschijnlijk het woonhuis. Het woonhuis en de oude bijgebouwen die tegen de schuur waren gebouwd zijn verdwenen en op de fundamenten hiervan is tegen de deels vernieuwde schuur een nieuw dubbel boerenwoonhuis gebouwd. Door de verbouwing is wederom een L-vormig hoofdgebouw ontstaan wat naast een schuur nu een woonhuis bevat. Dit valt ook af te leiden uit de breedte van de gebouwdelen. Het breedste gedeelte (conform bestaande toestand) is de schuur met aan de oostgevel de koeiengang, welke over het grootste gedeelte van de schuur een uitbouw vormt. Dit deel van de schuur was oorspronkelijk met pannen gedekt, de rest met riet. Er werden, verspreid over het erf, drie nieuwe bijgebouwtjes gebouwd, die mogelijk dienst deden als bakkeet, kippenhok en of varkenshok.
  kadastraal minuutplan Koudekerke met aangifte van boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg te Koudekerke
    4. FRAGMENT KADASTRALE MINUUTPLAN 1823
De aan het begin van de negentiende eeuw deels vernieuwde schuur werd gedekt met een pannen dak met wolfseind (noklijn licht glooiend, haaks op de weg). De kopgevel en de noordzijde zijn van baksteen terwijl de zuidzijde en een deel van de kap van zwart geschilderde gepotdekselde delen zijn. Het linker deel van de kopgevel bevat een ouder stuk metselwerk met gevelanker met een duidelijke verticaal getande voeg naar het nieuwe metselwerk. In de dwarse deel van de grote schuur is ter plaatse van de originele mendeur een roldeur aanwezig, de wagendeuren zijn groen van kleur en bevinden zich op de hoek van de westgevel.
     
De percelen 2 t/m 9 waren eigendom van Joos(t) van Sparrentak en omvatte naast het huis, schuur en enkele bijgebouwen, een erf, enkele percelen bos, boomgaard, en weilanden. Joos en Cornelia van Sparrentak kregen 3 kinderen: Neeltje, Cornelis en Abraham (1814-1862). Hun zoon Abraham zal na de dood van zijn vader in 1849 de nieuwe eigenaar van de hofstede zijn geworden waar hij daarna met zijn vrouw Krina Wielemaker (1816-1882) woont. Zij waren op 27 oktober 1837 in het huwelijk getreden en kregen ten minste twaalf kinderen. Een aantal zonen werden vernoemd naar hun vader Joos, velen werden echter niet oud. Slechts drie kinderen overleefden hun ouders. De gronden werden na de dood van Krina onder hen verdeeld en samen werden ze eigenaar van de hofstede. Dit waren Leuntje (1853-1929), Cornelis (1850-1918) en Joost van Sparrentak (1856-1931). Van Leuntje is een foto gemaakt waar zij zittend voor de schouw van de boerenwoning staat afgebeeld. De schouw is een prachtig exemplaar waarop een hond, kat en een uil staan afgebeeld met een gedicht waarvan de tekst luidt:

"Had ik jou uil hier in mijn poot, waard gij vast en zeker dood".

Joost van Sparrentak bleef als laatste van de familie over op de hofstede nadat zijn broer op 67-jarige leeftijd in 1918 en zijn zuster vervolgens op 76-jarige leeftijd in 1929 stierven.
  schouw met Leuntje van Sparrentak bij boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg te Koudekerke
    5. SCHOUW EN LEUNTJE VAN SPARRENTAK
Na het overlijden van Cornelis van Sparrentak werd de boerderij op een boerenkoopdag in 1918 verkocht. Cornelis Louruszn. Kluijfhout (1893-1959) en Krina Kluijfhout (1896-1978) die op 26 april 1918 in Koudekerke getrouwd waren, komen bij Joost van Sparrentak op de hofstede wonen. Was Cornelis te oud om nog op het land te werken en kreeg hij vanaf dat moment hulp van Cornelis Kluijfhout en zijn vrouw Krina? Nadat Joost van Sparrentak in 1931 overleed bleven Cornelis en Krina Kluijfhout, na een openbare verkoping in 1832, op de hofstede wonen.(1) Zij lieten de oude woning afbreken en lieten een nieuwe woning met bakkeet bouwen, waarvoor zij 20 mei 1936 vergunning aanvroegen en welke zes dagen later werd verleend door de Burgemeester en Wethouders van Koudekerke. Welke gemeente zou tegenwoordig in staat zijn binnen zo’n kort tijdsbestek nog een bouwvergunning te verlenen?
 
boerderij 't Troenkhof  in 2004   fragment Bonneblad 1911, met aangifte van boerderij 't Troenkhof
6. HET WOONHUIS UIT 1936 GEFOTOGRAFEERD VOOR DE VERKOOP IN 2004   7. FRAGMENT BONNEBLAD 1911
Enfin, het geheel werd toen aangeduid als woning met bakkeet aan de Duinweg en Dishoeksche Kleiweg, wijk B nr. 43, kadastraal bekend sectie A nr. 43. De boerenwoning werd in 1937 vervangen door een nieuw huis, dat grotendeels op de oude fundering werd gebouwd. Het had een met pannen gedekt zadeldak, waarvan de noklijn evenwijdig liep aan de Strandweg, met bakgoten op gootklossen. De gevels waren van baksteen met in de kopgevel een nieuw venster. De overige schuifvensters waren met traditionele groen-witte luiken uitgevoerd. Uit verhalen over de boerderij onder meer van wijlen Lourus Kluijfhout, gewoond hebbende aan de Walenstraat en eigenaar van de boerderij Westerwijk, bleek dat het model van de oorspronkelijke boerenwoning een zogenaamd dubbel boerenwoonhuis betrof. Dat wil zeggen met een deur in het midden en aan weerszijden twee ramen met luiken. De oorspronkelijke woning van voor 1937 was aanmerkelijk groter dan de nieuwe woning. Cornelis en Krina hadden echter geen kinderen, dus een groot huis was toen voor hen geen vereiste.

Tijdens de meest recente verbouwing van de woning in 2007 werd onder de fundering aan de oostzijde een gewelf aangetroffen opgemetseld uit zogenaamde Zeeuwse moppen. De ruimte onder de half rond gemetselde bovenzijde heeft vermoedelijk dienst gedaan als kelder annex waterbassin. De huidige regenput met waterkelder is aan de zijde van de Strandweg naast de huidige voordeur van het huis gesitueerd. Dat was voorheen de achterzijde van de woning. Aan die kant was ook de keuken en er tegenover de bakkeet die in 2010 achter het woonhuis zal worden herbouwd.
 
De topografische kaart van 1949 toont de verandering die na 1936 op de hof hebben plaatsgehad. De woning is dan opnieuw opgebouwd (1937) en vanaf die tijd staan het woonhuis en de schuur weer gescheiden van elkaar op het erf met twee bijgebouwen. Waarschijnlijk is deze periode (omstreeks 1947) ook de kap van de schuur aangepast op de plaats waar deze voorheen vast zat aan het woonhuis. Naast de schuur staan op de topografische kaart twee rode blokjes en een zwart blokje ingetekend. Onder bebouwing op dergelijke topografische kaarten worden de rode vlakken (‘legenda bewoonde oorden’) en de zwarte vlakken (‘legenda gebouw’) beschouwd als onbewoonde bebouwing. Er staan dan dus vier gebouwen op het erf.

Ten westen van de boerderij loopt volgens de kaart dan een doodlopend pad. Tevens zijn hoogtelijnen op de kaart weergegeven waaruit blijkt dat het huis dan net boven NAP ligt en de directe omgeving daar net onder. Deze eerste topografische kaart van na de inundatie laat ook duidelijk zien dat bomen en struiken die voorheen langs erf afscheidingen aangeplant waren zijn verdwenen.
  fragment topografische kaart 1949, met aangifte van boerderij 't Troenkhof
    8. FRAGMENT TOPOGRAFISCHE KAART 1949
Bij de ruilverkaveling van 1953 werden vele kavels rechtgetrokken en vergroot waardoor veel oude veldnamen zijn verdwenen. Buiten het feit dat de naam van de Duinweg toen ook is veranderd in de Strandweg, werd de loop van de weg aangepast waardoor de oorspronkelijke achterzijde van het huis, waar toen de bakkeet annex kippenhok was verrezen, aan de Strandweg kwam te liggen. De voorzijde van de boerderij was op het zuiden gericht en was tot die tijd ontsloten via een baantje dat uitkwam op de huidige Zwaanweg, voorheen Dishoekse Kleiweg. De ontsluiting van het erf vindt vanaf deze tijd alleen nog maar via de Zwaanweg plaats. De topografische kaart uit 1962 laat deze nieuwe situatie zien.

Abraham (Bram) Kluijfhout (1930), zoon van Isaak Kluijfhout, (1898-1983) en Elisabeth (Betje) de Witte (1906-1992) woonde op de naastgelegen boerderij aan Strandweg 11. Bram Kluijfhout was een neef van Cornelis en Krina Kluijfhout en is op 17-jarige leeftijd in 1956 op de boerderij bij zijn oom en tante gaan werken.
  Fragment van topografische kaart 1962, met aangifte van boerderij 't Troenkhof
    9. FRAGMENT TOPOGRAFISCHE KAART 1962
Na het overlijden van Cornelis in 1959 is hij bij zijn tante in gaan wonen en op de boerderij blijven werken. De administratie en zakelijke kant van de boerderij werd door de in september 2008 overleden Lourus Kluijfhout gedaan. Hij kwam als kind regelmatig met zijn vader bij zijn oom en tante Cornelis en Krina op het hof. Zijn vader was de broer van Cornelis Kluijfhout. Na het overlijden van Krina Kluijfhout (1978) erfde Bram Kluijfhout de boerderij. Bram was één van de vijf kinderen van Isaak Kluijfhout en Elisabeth (Betje) de Witte. Hij boerde van 1964 samen met zijn broer Arjaan, die op het ouderlijke hof aan de Strandweg 11 is blijven wonen. Beiden hebben geboerd tot na de oogst van 1991 en hebben altijd met paarden gewerkt. Zijn zus Neeltje (Nel) is getrouwd met Krijn Janse en bewoonde het huis aan de toerit naar boerderij Vrijburg, aan de Jacoba van Beierenweg te West-Souburg. Bram trouwde op 53-jarige leeftijd met Jacoba Cornelis (Coby) Verlinde, geboren te Hoogvliet op 21 mei 1929.

Na het plotseling overlijden van Bram Kluijfhout, op 73-jarige leeftijd op 13 september 2003, viel de boerderij in de nalatenschap van Bram, zoals bij testament was vastgelegd. Door de erfgenamen werd op 1 november 2004 de boerderij met land verkocht aan Johannes (Hans) van der Horst, geboren te Rotterdam op 05 mei 1950 en zijn vrouw. Zij bewonen tot op heden met hun beide kinderen de boerderij. Zij waren afkomstig van een boerderij gelegen aan de Groeneweg te Koudekerke.

Nadat de familie van der Horst in november 2004 eigenaar werd van de hof gelegen aan de Strandweg 9, hebben ze een start gemaakt met het onderzoeken van de geschiedenis van deze boerderij en hebben ze zich in de loop der jaren verder verdiept in de bouwstijl en erfinrichting behorend bij een dergelijke hof. Zij vatten toen het plan op om deze te verbouwen en hebben gemeend de huidige woning uit 1937 zodanig te verbouwen dat deze veel overeenkomt met de woning van voor 1937. Het woonhuis is bij deze verbouwing ten opzichte van de woning uit 1937 aan de zijde van de Zwaanweg en aangrenzende achterkant vergroot en feitelijk gevel is de voorgevel opnieuw opgebouwd, vanwege het aanwezige zout in de oude muren en fundering dat achterbleef na de inundatie. De gevel aan de Zwaanweg heeft ongeveer de indeling behouden van de woning uit 1937, zij het dat deze enkele meters naar buiten is verplaatst. In de woning is de inrichting grotendeels veranderd en is de oorspronkelijk schouw gereconstrueerd. Het wagenhuis diende tijdens de bouwwerkzaamheden als woonverblijf tot het woonhuis in 2010 betrokken kon worden. Hierna werden nog details verfijnd en zijn onder meer de blinden bij de ramen aangbracht.
Achterzijde boerderij 't Troenkhof Voorzijde boerderij 't Troenkhof
10. BOERDERIJ 'T TROENKHOF GEZIEN VANAF DE NIEUWE DRINKPUT IN 23-05-2010 11. HET VERBOUWDE WOONHUIS (23-05-2010)
Naast de woning zijn tegenwoordig de volgende bijgebouwen aanwezig: De grote zeventiende-eeuwse schuur, een bakkeet, een varkenshok (weer in de originele staat terug gebracht en nu in gebruik als geiten- en kippenverblijf), een wagenhuis, dat in gebruik is als zomerverblijf maar de uitstraling van het oorspronkelijke wagenhuis heeft. Voor de bakkeet annex kippenhok is in 2010 bij de gemeente Veere een aanvraag ingediend om deze te verplaatsen naar de achterzijde van de woning. De bakkeet en het kippenhok zijn in 2012 afgebroken en de voortuin is hierna ingericht als een boerentuin met straatjes van onder meer ijsselsteentjes.

Het varkenshok ligt aan de zuidzijde van de grote schuur. Ten zuiden van dit varkenshok was ook de mesthoop. Deze plaats werd met opzet zo gekozen omdat men dan optimaal gebruik maakt van de zon die het verteringsproces van de mest ten goede doet komen. Het varkenshok is in de originele staat terug gebracht en doet dienst als verblijf voor geiten en kippen. De zogenaamde 'soppot' waar het varkensvoer in gekookt werd en de (men)ladder waarop het varken werd afgeslacht zijn nog aanwezig.
Boerderij 't Troenkhof aan de Strandweg 9 te Koudekerke Achterzijde schuur boerderij 't Troenkhof
12. GERESTAUREERDE SCHUUR BEHOREND BIJ 'T TROENKHOF (01-07-2012) (C002) 13.HET VARKENSHOK MET DE MENLADDER
In de grote schuur van circa 28 x 11 meter bevonden zich vroeger de koeiengang, paardenstallen, opslagruimte voor gewassen en gereedschappen en een wagenhuis. Een gedeelte van de schuur doet momenteel dienst als paardenstal. De aanpassingen welke hiervoor nodig waren zijn zo gemaakt dat ze de originele bouw van de schuur niet hebben aangetast. De schuur behoort tot één van de veertig in Gemeente Veere geselecteerde schuren die gezichtsbepalend zijn voor het landschap en om die reden in goede staat van onderhoud dienen te blijven. In de loop van 2011 werd de schuur dan ook gerestaureerd waarbij enkele oorspronkelijke elementen werden teruggebracht. Onder andere het potdekselwerk en de mendeuren met klinket. Deze zijn in de loop der eeuwen door eerdere verbouwingen verloren gegaan. Het dak dat oorspronkelijk grotendeels met riet gedekt was en nu voorzien is van Oudhollandse pannen, bleef gehandhaafd vanwege de hoge kosten in aanschaf en verzekering van een rieten dak.
voormalig wagenhuis boerderij 't Troenkhof   varkens- en kippenhok boerderij 't Troenkhof
14. VOORMALIG WAGENHUIS NU ZOMERVERBLIJF (23-05-2010)   15. VARKENS- EN KIPPENHOK (23-05-2010)
Het oude wagenhuis met golfplaten lessenaarsdak en golfplaten gevels is, zo blijkt uit de bouwaanvraag, in 1952 gebouwd. Voor die tijd heeft er waarschijnlijk geen apart wagenhuis gestaan. In de grote schuur was aan de zuidzijde een inpandig wagenhuis dat onderdak bood aan een verenwagen en rijtuig. Pas bij uitbreiding van het aantal werktuigen en ander landbouwgerei was er behoefte aan een apart wagenhuis dat toen op de zuidwesthoek van het erf is verrezen. De deuren hiervan waren zogenaamde lattendeuren waar de wind doorheen kon om de (natte) wagens snel te laten drogen. Het oorspronkelijke wagenhuis is enkele malen aangepast voordat het recent voor de laatste maal grondig is verbouwd tot zomerverblijf. De lattendeuren zijn hierbij aan de buitenzijde gehandhaafd en erachter is een gemetselde gevel opgetrokken waarachter zich een gang, met ramen achter de lattendeuren, en enkele slaapkamers bevinden. In het linker gedeelte bevinden zich nu een woonkamer en keuken.

Bij de aankoop in 2004 was de oorspronkelijke erfbeplanting grotendeels verdwenen. Het bedrijf was in de loop der jaren overgegaan van een gemengd- naar een akkerbouwbedrijf. Omdat er geen vee meer was verdwenen ook de weien en werd alle grond voor akkerbouw gebruikt. Ook de veedrinkput, hoogstamboomgaard en zogenaamde Zeeuwse haag die diende als erfafscheiding waren verdwenen. Na de aankoop werd aangevangen met de herinrichting van het erf en wordt dit stap voor stap aangepakt. Aan de slootkanten zijn inmiddels een 40-tal knotwilgen teruggeplant. Naast de veedrinkput zijn mispel- en kweepeerstruiken gezet. De moes- of groentuin bevind zich naast het wagenhuis. Deze elementen zijn nu weer op hun oorspronkelijk plaats gesitueerd.

Opmerkelijk detail is dat er ooit overheidssubsidie is verkregen om de hoogstamfruitbomen te rooien en dat de huidige eigenaren in 2004 weer overheidssubsidie ontvingen voor het aanplanten van een boomgaard met hoogstamfruitbomen van oude rassen! Aan de westzijde van de toegangsdam naar de woning zijn kastanjebomen geplant. Het blad zou een medicijn zijn voor koliek bij paarden. Het planten van Walnotenbomen in de wei als schaduwplek voor het vee heeft als nevenfunctie dat deze bomen een stof afscheiden welke insecten op afstand houd.
 
 
copyright © 2001-2017 Sjoerd de Nooijer
laatst bijgewerkt op: 19 11 2016

locatie:
Strandweg, Koudekerke


bronvermelding:
tekst: Sjoerd de Nooijer
afb. 1: familie van der Horst
afb. 2: atlas roman-visscher, 1655
afb. 3: atlas hattinga, deel 8, 1750
afb. 4: minuutplan A1, 1811-1832
afb. 5: familie van der Horst
afb. 6: Sjoerd de Nooijer
afb. 7: topografische kaart, 1911
afb. 8: topografische kaart, 1949
afb. 9: topografische kaart, 1962
afb. 10-11: Sjoerd de Nooijer
afb. 12: familie van der Horst
afb. 13-15: Sjoerd de Nooijer

geraadpleegde bronnen:
- Visscher, N. en Roman, Z., Atlas van Zeeland, Amsterdam/ Middelburg, 1655
- Heemkundige Kring Walcheren, De veldnamen van Koudekerke, Middelburg, 1980
- Fam. van der Horst
- Arjaan Kluijfhout
- Coby Verlinde
- www.watwaswaar.nl
- www.zeeuwengezocht.nl

voetnoot 1:
bron: perceelsgewijze kadastrale legger gemeente Koudekerke, artikel 3474, Zeeuws Archief